Vliegertips
HOUD AFSTAND VAN:
~ Vliegvelden (minimaal 6 km)
~ Spoorlijnen en autowegen (minimaal 500 mtr)
~ Hoogspanningsleidingen (minimaal 500 mtr)
HOUD REKENING MET:
~ Andere vliegeraars; vliegerlijnen kunnen elkaar doorsnijden
~ Herrie; veroorzaak geen geluidsoverlast
~ Snelheid; een vlieger kan met 150 kmh hard aankomen
~ Trekkracht; grote vliegers zijn in staat volwassen mensen voort te slepen
Heb je eenmaal een plek gevonden en staat er een gelijkmatige wind van 2 tot 5 Beaufort, ga dan als volgt te werk:
~ Zet de vlieger volgens zijn gebruiksaanwijzing in elkaar. Bij de meeste bestuurbare Delta vliegers bevinden de spanstokken zich aan de voorzijde van de vlieger, zodat het zeil vrij slap hangt en ongehinderd met de wind mee kan uitbollen.
~ Zorg dat de stokken volledig in alle koppelstukken zijn geschoven, vooral na eventuele crashes de bevestiging van de stokken controleren.
~ Rol de beide lijnen volledig uit en bevestig ze aan de vlieger. Het is belangrijk dat de lijnen exact even lang zijn en niet om elkaar gedraaid zitten.
~ Laat een helper de vlieger rechtop in de wind vasthouden. Zonder hulp kun je de vlieger tegen een paaltje laten leunen of plat op de grond leggen met wat zand op het zeil.
~ Dan is het zover; neem de handgrepen in de hand, trek de lijnen strak, doe een extra stap naar achteren en geef een rustige gelijkmatige ruk aan beide lijnen. De stuntvlieger vliegt nu, maar is helemaal onder uw controle. Dat betekent dat er gestuurd moet worden, want de vlieger vindt niet vanzelf de goede weg.
~ Normaal gesproken begint de vlieger al naar links of naar rechts te vliegen, stuur hem weer naar het midden door een rukje aan het tegenover liggende touw te geven. Een rukje links verandert de richting van de vlieger naar links, een ruk rechts stuurt de vlieger naar rechts.
~ na enige oefening kunt u de stunter recht boven uw hoofd stil in de lucht houden. U heeft controle over de vlieger te pakken, maar dit is een beetje saai; de trekkracht is daar minimaal en er gebeurd niet veel. Het is tijd voor de eerste gecontroleerde vliegfiguren.
EEN CIRKEL OF LOOPING VLIEGEN
Trek aan de linkerlijn en hou die afstand vast, de vlieger begint linksom te draaien; laat hem doorvliegen totdat de neus omhoog wijst. Hou dan de handen weer gelijk en laat de vlieger bovenin tot rust komen. De lijnen zitten nu gedraaid. Geen probleem; je kunt wel door blijven vliegen tot er 5 of 6 draaien in de lijnen zitten. De draaiing komt er weer uit door de vlieger een looping de tegenovergestelde kant op te laten vliegen. Hou de beweging van je handen zo rustig mogelijk; kleine bewegingen zijn al voldoende om de vlieger te besturen. Korte, felle of nerveuze bewegingen veroorzaken een chaotisch bewegende vlieger die vrijwel zeker neer zal storten.
LANDEN VAN DE VLIEGER
Laat de vlieger helemaal naar links of rechts uit de wind vliegen. De snelheid valt weg en de vlieger valt al bijna vanzelf veilig naar de grond.
FIGUREN VLIEGEN
U kunt met de nieuwe stuntvlieger speciale patronen in de lucht beschrijven zoals; cirkels, vierkanten, liggende of staande achten etc. Het is een eindeloze reeks van eenvoudige en ingewikkelde figuren die uitgebreid beschreven worden in tijdschriften en boeken.